Goede zorg voor oudere migranten beweegt zich in het spanningsveld tussen universele en cultuurspecifieke behoeften. Wie uitgaat van stereotypen op basis van afkomst, mist de persoon daarachter, zegt onderzoeker Nina Conkova. Tegelijk vereist cultuursensitieve zorg wél aandacht voor specifieke normen, waarden en gewoontes, weet zorgverlener Kadriye Sahin-Ozogul. Door Meike Schipper
Wat is de fundamentele uitdaging in de zorg voor oudere migranten?
Nina Conkova: ‘Het zorgsysteem is best wel dichtgetimmerd. Het echt implementeren van cultuursensitieve zorg in het zorgstelsel, dat is een grote uitdaging. En het is nodig, want de mensen – met name gastarbeiders – die in de jaren ‘60-‘70 naar Nederland kwamen, worden ouder en zorgbehoevend.
‘De vraag is op welke manier wij tegemoet kunnen komen aan de zorg die zij nodig hebben. Want er leven best wel wat stereotypen, terwijl er een enorme diversiteit is. De grootste aanname die mensen doen over de zorg voor oudere migranten is het idee dat deze mensen heel anders zijn dan mensen zonder migratieachtergrond. Iedereen wil zich gewoon gezien en gehoord voelen en goede zorg ontvangen, en dat naasten betrokken blijven.’
Waarom is cultuursensitieve zorg dan nodig?
Kadriye Sahin-Ozogul: ‘De culturen zijn heel anders, de normen en waarden zijn heel anders. Het vereist best veel kennis over wat je wel en niet kunt doen, als je wilt dat zorg geaccepteerd wordt. We hebben bijvoorbeeld een islamitisch woonzorgcentrum, waar vooral Turkse en Marokkaanse mensen met Alzheimer wonen. Toch is de begeleiding totaal anders. De één eet met de hand, de ander ergert zich daar weer aan. Je ziet dat de Turkse bewoners met een lepel en vork willen eten, terwijl Westerse Surinaamse ouderen echt een mes willen. En je mag geen serviesgoed geven waar een scheurtje in zit. Ook al zijn ze dementerend, dat vergeten ze nooit.’
Conkova: ‘Je kunt dat als zorgverlener niet allemaal weten. Taal is ook een groot probleem, want zorg is relationeel. Een ander probleem is racisme en discriminatie. Dat staat echt in de weg om ervoor te zorgen dat mensen zich gezien en gehoord voelen. Je hoeft de taal niet eens te spreken, als mensen jouw empathie maar voelen, voelen dat je aanwezig bent, dat je lief bent. Dat voelt een mens.’
De één eet met de hand, de ander ergert zich daar weer aan’
Welke aannamen over oudere migranten kloppen nog meer niet?
Conkova: ‘Bijvoorbeeld dat oudere migranten met hun eigen groep willen zijn. In ons onderzoek zagen we veel mensen die zich eigenlijk prettiger voelen in een multicultureel gezelschap. Die zeggen: “Ik ben al vijftig, zestig jaar in Amsterdam; ik ken niks anders dan de multiculturele gemeenschap waar iedereen bij elkaar hoort.”
Er wordt ook vaak gesproken over “de oudere migrant” alsof het één groep is, maar er is een enorme diversiteit onder migrantenouderen.’
Is de zorg voor oudere migranten wel beter dan vroeger?
Sahin-Ozogul: ‘Ja, zo’n tien, vijftien jaar geleden waren er veel problemen met het stellen van de diagnose Alzheimer. Er werd bijvoorbeeld een plaatje getoond en gevraagd: is het een fiets of een scooter? Maar de cliënt weet niet wat een scooter is en heeft ook nooit op een fiets gezeten. Dat is heel cultuurspecifiek. Of er was een Turkse tolk, maar de cliënt komt uit een specifieke regio en kan helemaal niet verstaan wat de tolk zegt. Dat soort zaken zijn nu verbeterd.’
Conkova: ‘Als je het tien jaar geleden had over zorg voor oudere migranten, dan wisten mensen niet waar je het over had. Het was echt sporadisch dat een oudere met een migratieachtergrond in de formele zorg terecht kwam. Tien jaar geleden was het ook nog heel erg taboe om als migrant te zeggen: “Ik zou mijn moeder wel naar een verpleeghuis willen brengen.” Nu is dat taboe wel minder.’
Beïnvloeden afkomst en cultuur hoe makkelijk ouderen zorg accepteren?
Sahin-Ozogul: ‘Bij Nederlandse gezinnen is het de standaard, kinderen krijgen van hun ouders mee: als het niet meer gaat, breng me naar het verpleeghuis. Maar bijvoorbeeld binnen de islam wordt het zorgen voor ouders gezien als een belangrijke morele en religieuze verplichting.’
Conkova: ‘Sommige mensen zijn opgegroeid in een culturele context waar verpleeghuizen gewoon niet bestaan. Ik kom uit Bulgarije, verpleeghuizen bestaan daar niet. Als je zoiets met je ouders zou doen, word je uitgesloten van de gemeenschap.’
Sahin-Ozogul: ‘Eigenlijk zijn de dementerende ouderen niet het probleem, maar we hebben veel problemen met mantelzorgers. Soms voelen ze heel veel verantwoordelijkheid of willen ze hun ouders niet “achterlaten”. Soms zijn er zes kinderen die allemaal een andere mening hebben over de opname. Dan ontstaat er een discussie en aan het eind wordt besloten: we houden haar thuis, we regelen het onderling.’
Moet je dat cultuurverschil dan niet respecteren?
Sahin-Ozogul: ‘Bij Alzheimer is dat moeilijk. Als iemand uiteindelijk echt zorg nodig heeft, is het eigenlijk al te laat. Dus bel ik toch af en toe of ga ik spontaan op huisbezoek.’
Conkova: ‘Het is ook een stereotype dat oudere migranten volledig door familie verzorgd willen of kunnen worden, omdat ze toch grotere gezinnen hebben. Soms is familie helemaal niet zo betrokken, of niet in Nederland. Dus als je van dat stereotype uitgaat, ga je voorbij aan mensen die geen beschikbare familieleden hebben. In een onderzoek hebben we gevraagd wat mensen zelf wilden. Veel oudere migranten zeiden: “Wij willen onze kinderen eigenlijk niet belasten, maar niemand vraagt het ons. Ik begrijp dat zij ook een eigen leven hebben, eigen kinderen, een baan.”’
Hoe kun je oudere migranten en hun familie beter voorbereiden op zorg in de toekomst?
Sahin-Ozogul: ‘Ik heb mijn ouders jaren geleden eens meegenomen naar een verpleeghuis om het te laten zien. Ze zeiden allebei: “Breng ons daar maar naartoe, als er iets gebeurt.” We geven ook voorlichtingen in moskeeën en mensen kunnen langskomen. Vaak zeggen ze: “Ik ben nog niet oud, ik kom niet.” Maar je moet juist nu komen, want het gaat om de toekomst. Je wilt met je gezonde geheugen die keuze kunnen maken.’
Conkova: ‘Ik denk dat je dat voor je pensioen eigenlijk al moet voorbereiden. We zouden beleid moeten maken om daarover verplicht een gesprek te voeren, als familie, of met de huisarts.’
Ik heb mijn ouders jaren geleden eens meegenomen naar een verpleeghuis’
Wat is er nog meer nodig om de zorg voor oudere migranten te verbeteren?
Conkova: ‘Bepaalde kennis over cultuur is noodzakelijk, maar het gaat er vooral om of de bereidheid er is om elkaar te respecteren en ruimte te geven aan eigen gewoonten en manieren van denken. En dat kan best wel ingewikkeld zijn, want dan moet je als zorgverlener eigenlijk stukken van jezelf kunnen achterlaten. En de patiënt zou dat ook moeten doen, om dichter bij elkaar te komen.’
Sahin-Ozogul: ‘Ja, je moet nooit met de cliënt in discussie gaan dat de Nederlandse mentaliteit nou eenmaal zo of zo is. Mijn succes is respecteren en accepteren. Ik ben zelf moslim, maar mijn Surinaamse groep heeft op vrijdag een ochtendzegen en zij willen dat ik daarbij zit. Als ze “amen” zeggen, dan kijken ze naar mij en knik ik met mijn hoofd. “Jullie geloven daarin, en ik respecteer dat.”’
Je moet als zorgverlener eigenlijk stukken van jezelf achterlaten, en de patiënt ook’

Nina Conkova is beleidsonderzoeker bij de Provincie Utrecht. Ze werkte voorheen als onderzoeker en programmaleider op het vlak van culturele diversiteit bij Leyden Academy on Vitality and Ageing, waar ze een gastaanstelling heeft. Ze onderzocht hoe ouder worden en diversiteit vormgeven aan welzijn, toegang tot zorg en sociale cohesie.

Kadriye Sahin-Ozogul is welzijns- en activiteitenbegeleider van cultuursensitieve dagbesteding bij MIJ, een organisatie voor thuiszorg en maatschappelijke ondersteuning in Rotterdam, de Drechtsteden en Amsterdam-Amstelland. Ze werkt vooral met ouderen met de ziekte van Alzheimer, die relatief vaak voorkomt onder migranten.

Dit artikel komt uit de nieuwe Leiden-Delft-Erasmus white paper 'Dilemma's van Diversiteit'. De paper is te downloaden via deze link. Wilt u een papieren exemplaar ontvangen? Stuur een e-mail aan Katja Hoiting via k.hoiting@tudelft.nl